‘Indian summer’ in het Engels, ‘Złota polska jesień’ in het Pools, ‘Brittsommar’ in het Zweeds, ‘Altweibersommer’ of ‘Spätsommer’ in het Duits… Verschillende talen, verschillende namen voor hetzelfde fenomeen. In Polen wordt ook wel de term ‘Babie lato’ gebruikt – die verwijst naar de fijne spinnewebben die in deze periode door de lucht zweven. Maar wat verklaart het ontstaan van deze warme, nazomerse periode in Midden- en Oost-Europa, en dus ook in Polen?
Dit fenomeen noemen we in Polen de Poolse gouden herfst – ‘Złota polska jesień’. Dat is een periode waarin het voor de tijd van het jaar eigenlijk erg warm is, na een periode waarin het juist koud en herfstachtig was. De zon schijnt volop. De lucht is blauw. Tegelijkertijd verkleuren de bladeren aan de bomen. Ze krijgen verschillende kleuren: geel, bruin, rood, oranje, lichtgroen, lichtbruin. Vooral de esdoorns en eiken zorgen voor een spectaculair kleurenspel. Gewoon lekker weertje wanneer je het helemaal niet verwacht.
Meteorologisch is het goed te verklaren. Dit weer is te danken aan een hogedrukgebied. In Polen valt de gouden herfst meestal in de tweede helft van september en soms door tot in oktober.
Met dat weer voel je je meestal aangemoedigd om een mooie wandeling te maken in de bergen of in het bos om bijvoorbeeld paddestoelen te plukken. In veel Poolse steden heb je ook mooie, grote parken waar je heerlijk kunt ontspannen en van het mooie herfstweer kunt genieten.
Kortom: de Poolse gouden herfst is een klein cadeautje van de natuur voordat de winter zijn intrede doet.

Vergeet je fototoestel niet om wat schitterende foto’s van mistige ochtenden of zonnige middagmomenten te maken.





