Inleiding: Een schoenendoos vol geschiedenis

Wat doe je als je tachtig jaar oude documenten van je opa vindt, vergeelde legitymacjes, typemachinepapier, stempels van lang verdwenen instanties? Voor de meeste mensen is het papier om in te pakken, maar voor mij is het een schatkist. Mijn opa heette Aleksander Michek, zoon van Jan, geboren op 15 februari 1919, en dit is zijn verhaal – gereconstrueerd uit originele documenten, familieherinneringen, en jaren van stilte die mijn oma nooit helemaal heeft gevuld.

Deel 1: De Tsjechen van Wolynië – Waarom zat mijn opa daar?

Mijn oma zei altijd dat hij Tsjechisch was, maar zijn documenten zeggen dat hij Pools was, dus wie had er gelijk? Het antwoord is dat beiden gelijk hadden. De regio Wolynië, in het huidige Oekraïne, was vóór de Tweede Wereldoorlog Pools grondgebied, maar daar woonde een grote Tsjechische minderheid, en de vraag is hoe die Tsjechen daar kwamen. Tussen 1868 en 1880 wilde het Russische Rijk de Poolse invloed in de regio verkleinen, dus boden ze Tsjechen uit Oostenrijk-Hongarije goedkoop land aan, plus twintig jaar belastingvrijstelling en vrijstelling van militaire dienst. Ongeveer zestienduizend Tsjechen namen het aanbod aan en stichtten dorpen met namen als Český Malín, České Noviny en Český Boratín, waar ze hopteelt introduceerden, scholen bouwden en zelfs een eigen ereconsulaat in Kvasyliv hadden. Mijn opa werd geboren in Viozim, of een dorp in de buurt van Łuck, precies in het hart van deze Tsjechische gemeenschap, dus hij was etnisch Tsjech maar staatsburger Pools, en vandaar de verwarring en vandaar het verhaal van mijn oma.

Deel 2: Wat zegt een achternaam – Michek en Tuńska

De achternaam Michek van mijn opa is een verkleinvorm van de naam Michał of Michal, die Michael betekent, en de spelling met een ch in plaats van een ł wijst op Tsjechische oorsprong. In Tsjechië wonen vandaag de dag nog ongeveer vijfhonderd mensen met de achternaam Michek, en de naam betekent zoiets als zoon van kleine Michal, klein van stuk misschien maar niet van moed. De achternaam van mijn oma was Tuńska, en dat is een toponymische Poolse achternaam, wat betekent dat hij is afgeleid van een plaats. De uitgang ska is de vrouwelijke vorm van ski en is klassiek Pools, dus de naam betekent waarschijnlijk de vrouw afkomstig uit Tuń of een vergelijkbare plaats in Polen. Mijn oma was dus etnisch Pools, en mijn opa etnisch Tsjech, een gemengd huwelijk in een gemengde regio.

Deel 3: Siberië – De gevangenschap

Hier begint de echte duisternis, want in september 1939 viel de Sovjet-Unie Oost-Polen binnen, inclusief Wolynië, en in 1940 voerden de Sovjets massale deportaties uit. Tsjechische boeren werden bestempeld als koelakken, wat welgestelde boeren betekende, en ze werden gearresteerd terwijl hun bezittingen werden geconfisqueerd. Mijn opa verdween, en mijn oma zei dat hij werd gevangen door de Sovjet-Unie en ontsnapte, maar de volledige waarheid is harder. Hij werd waarschijnlijk naar een werkkamp in Siberië gestuurd, en een overlevende uit die tijd beschreef de omstandigheden als volgt: we zaten in tenten op de toendra, zonder warm eten, we vroren, en de hygiënische omstandigheden waren zo verschrikkelijk dat de sterfte extreem hoog was. Mijn opa overleefde en ontsnapte waarschijnlijk tijdens de chaos na de Duitse inval in de Sovjet-Unie in juni 1941, of hij werd vrijgelaten onder een amnestie, maar vrijheid was relatief.

Deel 4: Gedwongen dienst – Rode Leger en Armia Ludowa

Hier wordt het moreel complex, want een document van ZBoWiD, de communistische veteranenorganisatie, stelt glashard dat hij lid was van het Rode Leger van oktober 1940 tot 6 november 1943. Let op die datum, oktober 1940, want dat is vóór de Duitse aanval op de Sovjet-Unie en precies midden in zijn gevangenschap, wat betekent dat hij hoe dan ook onder dwang diende, of dat nu na ontsnapping en gevangenneming was of na amnestie. De Sovjets rekruteerden gevangenen uit de kampen, en de keuze was simpel: vechten voor het Rode Leger of terugkeren naar de kampen. In november 1943 stapte mijn opa over naar het nieuw gevormde Poolse leger van generaal Berling, de 1e Warschause Infanteriedivisie, later het 1e Poolse Leger, dat de zogenaamde Armia Ludowa werd genoemd, het pro Sovjet Poolse volksleger. Mijn opa was geen communist, maar hij was een overlever.

Deel 5: De parachutist – Alle sprongen op een rij

En toen werd hij elite, want hij werd geplaatst bij de Samodzielny Specjalny Batalion Szturmowy, het Zelfstandig Speciaal Stormbataljon, een parachute sabotage eenheid die was getraind door de NKVD, de voorloper van de KGB. Zijn originele parachutistenlegitimatie, uitgedeeld op 11 november 1944, vermeldt maar liefst zes geregistreerde sprongen.

De eerste sprong was op 7 november 1944, een oefensprong vanaf vijfhonderd meter uit een aerostat.

De tweede sprong was op 9 november 1944, een oefensprong met wapen vanaf vijfhonderd meter uit een aerostat.

De derde sprong was op 16 november 1944, een nachtelijke oefensprong vanaf zeshonderd meter uit een aerostat.

De vierde sprong was op 18 november 1944, een oefensprong vanaf duizend meter uit een Douglas vliegtuig.

De vijfde sprong was op 20 maart 1944, een oefensprong met wapen vanaf negenhonderd meter uit een Douglas vliegtuig.

De zesde en laatste sprong was op 12 juni 1944, een echte gevechtssprong achter vijandelijke linies, en het type vliegtuig was opnieuw een Douglas.

Let op die laatste datum, 12 juni 1944, drie weken voor het grote Sovjet offensief Operatie Bagration, want mijn opa sprong achter de Duitse linies voor verkenning, sabotage en eliminatie. De eenheid vocht tegen de Duitsers, maar de NKVD gebruikte haar ook om niet communistische Poolse verzetsgroepen, de Armia Krajowa, in kaart te brengen, en wat mijn opa precies deed blijft onduidelijk, want zijn medailles zijn alleen voor gevechten tegen Duitsers en de rest is stilte. Wat wél vaststaat, is dat hij op 2 november 1944 bij Rozkazem Naczelnego Dowódcy Wojska Polskiego, een order van de Opperbevelhebber van het Poolse leger, werd bevorderd tot de rang van porucznik, wat luitenant betekent, een erkenning voor zijn moed en leiderschap in de strijd.

De eenheid waartoe jouw opa behoorde, de Polski Samodzielny Batalion Specjalny (PSBS), was een geheime elite-eenheid die was getraind door de NKVD voor speciale operaties achter de vijandelijke linies. Het bataljon werd op 18 oktober 1943 opgericht in Biełoomut, in de buurt van Moskou, en was gemodelleerd naar Sovjet-parachutisten eenheden.

Wat bekend is over de missies van deze eenheid, is dat zij tussen mei en september 1944 in totaal twaalf verkennings- en sabotagegroepen achter het Duitse front dropten, met in totaal 296 manschappen. De 12e juni 1944 valt precies in deze periode, drie weken voor het grote Sovjet offensief Operatie Bagration.

Waar hij precies landde op 12 juni 1944 is niet meer met zekerheid te achterhalen, maar historici weten dat zijn eenheid in deze periode voornamelijk opereerde in het grensgebied van het huidige oost-Polen, Wit-Rusland en west-Oekraïne, ver achter het Duitse front, als voorbereiding op het enorme Sovjet-offensief dat drie weken later zou beginnen.

Deel 6: De UPA – Waarom mijn oma en tante moesten vluchten

Dit is het donkerste hoofdstuk, want in 1943 laaide het conflict tussen Polen en Oekraïners op tot een hoogtepunt, en de UPA, het Oekraïense Opstandelingenleger, voerde etnische zuiveringen uit in Wolynië met als doel een Oekraïense staat zonder Polen, zonder Tsjechen en zonder minderheden. Mijn oma was etnisch Pools met de achternaam Tuńska, mijn opa was etnisch Tsjech met de achternaam Michek, en hun dochter, mijn tante, was een baby, dus ze moesten vluchten voor de UPA. De vraag is waarom de UPA ook Tsjechen aanviel, en het antwoord is dat neutraliteit geen optie was, want de UPA eiste loyaliteit. In een UPA rapport uit de regio Łuck, het geboortegebied van mijn opa, staat letterlijk dat Tsjechen die banden hebben met Polen of Duitsers worden geëxecuteerd. Op 13 juli 1943 omsingelden Duitse eenheden, mogelijk in samenwerking met de UPA, het Tsjechische dorp Český Malín, en 374 Tsjechen, 26 Polen en 132 Oekraïners werden levend verbrand. Mijn oma nam mijn tante en vluchtte, waarschijnlijk naar het westen richting Polen, terwijl mijn opa op dat moment al weg was, in het leger of in een kamp of ergens achter vijandelijke linies met een parachute.

Deel 7: Onderscheidingen – Erkend, maar door wie

Mijn opa kreeg meerdere medailles van de communistische regering, want op 3 januari 1945 ontving hij het Krzyż Walecznych, het Kruis voor Dapperheid, uitgereikt door Bolesław Bierut. Op 25 juni 1945 kreeg hij de Srebrny Medal Zasłużonym na Polu Bitwy, de Zilveren Medaille voor Verdienste op het Slagveld, uitgereikt door de Naczelny Dowódca, de Opperbevelhebber. Op 1 februari 1947 ontving hij de Medal za Warszawę, de Medaille voor Warschau, van de Minister van Defensie. Op 31 december 1946 kreeg hij het Krzyż Partyzancki, het Partizanenkruis, uitgereikt door Stanisław Zawadzki. En op 6 februari 1947 ontving hij de Medal Zwycięstwa i Wolności, de Medaille van Overwinning en Vrijheid, uitgereikt door premier Edward Osóbka Morawski. Op papier was hij dus een held, maar de vraag blijft of hij vocht voor Polen, voor de Sovjets of gewoon om te overleven, en waarschijnlijk was dat laatste het geval.

Deel 8: De ironie – een motorongeluk

Na de oorlog was het over, want mijn opa overleed op 7 april 1951, slechts 32 jaar oud, en de oorzaak was een motorongeluk. De ironie is ondraaglijk, want hij overleefde de Siberische kampen, de gedwongen dienst in het Rode Leger, de parachutesprongen achter vijandelijke linies, de UPA terreur in Wolynië en de chaos van het oostfront, maar hij stierf op een gewone weg, op een motor, door verkeerd uitkijken of pech of gewoon domme pech.

Bronnen

Dit verhaal is gereconstrueerd uit originele documenten van Aleksander Michek die tachtig jaar oud zijn, uit familieherinneringen van mijn oma met de achternaam Tuńska, en uit historische bronnen over de Wolynië Tsjechen, de PSBS en de UPA. Mijn opa was geen held in de klassieke zin, want hij was een overlever, en dat is misschien wel het meest menselijke verhaal van allemaal. Wil je reageren of meer weten, stuur me dan een bericht, want dit verhaal is nog niet af.